Douanevervoer: welke zekerheid heeft u nodig in NCTS?
Voor de regeling douanevervoer moet altijd zekerheid worden gesteld voor de douaneschuld die kan ontstaan tussen plaatsing onder de regeling en aanzuivering. Dat kan per aangifte (individuele zekerheid: contante betaling, borgverbintenis, of bewijzen van zekerheidstelling van EUR 10.000 per stuk die een jaar geldig zijn, artikel 160 lid 2 UVo.DWU) of doorlopend via een vergunning doorlopende zekerheid, waarbij het te stellen bedrag kan worden verlaagd tot 50% of 30% van het referentiebedrag, of tot 0% bij ontheffing (artikel 84 GVo.DWU en artikel 95 lid 2 DWU). Nederland werkt sinds 29 oktober 2024 met NCTS fase 5 (de Douane Vervoer Applicatie) en is per 16 mei 2026 overgegaan op fase 6, met een automatische koppeling tussen AES en NCTS.
Bron: Douane Nederland · evofenedex.
Gegevens laatst bijgewerkt:
.
Dekkingsrekening: hoeveel zekerheid, langs welke route?
Dekkingsrekening: hoeveel zekerheid, langs welke route? — Vul in wat gedekt moet worden. Deze rekening past uitsluitend regels toe die verderop op deze pagina letterlijk staan: € 10.000 per bewijs van zekerheidstelling, de vier niveaus van de doorlopende zekerheid (100%, 50%, 30% en 0%) en de AEO-eis voor bestaande schulden.
Bereik: de Nederlandse regeling douanevervoer in NCTS/DVA. De rekening rekent met de bedragen en percentages uit het Handboek Douane en het DWU; zij vervangt de vaststelling van het referentiebedrag door de Douane niet. Het Landelijk Team Zekerheden van de Douane beoordeelt de vorm van de zekerheid.
Waarop baseert u het te dekken bedrag? — Zonder keuze rekent de dekkingsrekening niets uit; zij kiest geen grondslag voor u. Forfaitaire bedragen: artikel 148 UVo.DWU en het Handboek Douane.
Bedrag aan invoerrechten en andere heffingen (EUR) — Het bedrag dat kan ontstaan tussen plaatsing onder de regeling en aanzuivering. Handboek Douane: het referentiebedrag dekt het bedrag aan invoerrechten en andere heffingen.
Gewicht van de zending (kg) — Alleen gebruikt wanneer u met een forfaitair bedrag per kilogram rekent.
Forfaitair bedrag per kilogram — Voor zeecontainers geeft het Handboek een bandbreedte en geen vast tarief; de rekening geeft dan een marge en geen enkel getal. artikel 148 UVo.DWU
Om welke schulden gaat het? — Verlaging voor bestaande schulden is alleen mogelijk met AEO-certificering; voor mogelijk ontstane schulden niet. Handboek Douane
Bent u AEO-gecertificeerd? — Bij „weet ik niet” blijft de uitkomst voor bestaande schulden onbepaald; de rekening raadt niet. Handboek Douane
Aan welke voorwaarden voldoet u aantoonbaar? — De niveaus stapelen: 30% eist alles van 50%, en de ontheffing eist alles van 50% en 30%. artikel 84, leden 1 tot en met 3 GVo.DWU; artikel 95, lid 2 DWU
Regels die deze rekening toepast — Elk bedrag, percentage en termijn hieronder staat ook in de lopende tekst van deze pagina. De rekening kent geen enkele waarde die hier niet is opgeschreven.
Nominale waarde per bewijs van zekerheidstelling (TC 32) — Elk bewijs vertegenwoordigt € 10.000 — Handboek Douane
Geldigheidsduur van een bewijs — één jaar na de datum van afgifte — artikel 160, lid 2 UVo.DWU
Ondergrens van de gestelde zekerheid — De gestelde zekerheid mag het verschuldigde bedrag nooit onderschrijden: bij € 600 volstaat één bewijs, bij € 10.001 zijn er twee nodig — Handboek Douane
Standaardniveau doorlopende zekerheid — 100% van het referentiebedrag — DWU
Verlaging tot 50% — 50% van het referentiebedrag — artikel 84, lid 1 GVo.DWU
Verlaging tot 30% — 30% van het referentiebedrag — artikel 84, lid 2 GVo.DWU
Ontheffing — 0% van het referentiebedrag; de ontheffing is een vergunningsbeslissing, geen rekenuitkomst — artikel 84, lid 3 GVo.DWU; artikel 95, lid 2 DWU
Verlaging voor bestaande schulden — alleen mogelijk met AEO-certificering — Handboek Douane
Referentiebedrag bij ontbrekende gegevens — minimaal € 10.000 per aangifte — Handboek Douane
Forfaitaire bedragen per kilogram — Dieren en plantaardige producten in de luchtvracht € 1,30; een bekend goederentype € 12; consolidatie zonder gegevens € 24; machines en elektromateriaal € 40; zeecontainers € 0,65 tot € 2,80; overige gevallen € 0,36 — artikel 148 UVo.DWU
Berekeningsgrondslag voor douanevervoer — de gemiddelde wekelijkse belasting over twaalf maanden, waarbij de drukste week bepalend is — Handboek Douane
Bedragen en percentages worden periodiek aangepast. Controleer de actuele tabel in het Handboek Douane of bij de Nationale Helpdesk Douane voordat u op een uitkomst handelt; de Douane stelt het referentiebedrag zelf vast.
Waarvoor de zekerheid dient
Bij de regeling douanevervoer verlaten niet-Uniegoederen het kantoor van vertrek zonder dat rechten en heffingen zijn betaald. Die potentiële douaneschuld moet worden afgedekt tot het moment van aanzuivering. Het Handboek Douane formuleert de eis zo: het referentiebedrag moet „het bedrag aan invoerrechten en andere heffingen” dekken tussen plaatsing onder de regeling en aanzuivering.
Er zijn twee hoofdroutes: zekerheid per aangifte (individuele zekerheid) of een vergunning doorlopende zekerheid (CGU) met eventueel een verlaging of ontheffing.
Individuele zekerheid per aangifte
Contante betaling — Kenmerk: Direct bij de Douane; bij DWU-vergunningen wordt geen rente vergoed
Borgverbintenis — Kenmerk: Via een borgstellende instelling
Bewijzen van zekerheidstelling (TC 32) — Kenmerk: € 10.000 per bewijs; geldigheidsduur „één jaar na de datum van afgifte” (artikel 160, lid 2 UVo.DWU)
De gestelde zekerheid mag het verschuldigde bedrag nooit onderschrijden. Het Handboek geeft het rekenvoorbeeld: bij een schuld van € 600 volstaat één bewijs; bij € 10.001 zijn er twee nodig. Dat maakt de bewijzen bruikbaar voor incidentele zendingen, maar snel duur voor structureel transitverkeer.
Forfaitaire bedragen wanneer gegevens ontbreken
Forfaitaire bedragen wanneer gegevens ontbreken — Wanneer gegevens ontbreken om de waarde vast te stellen, hanteert het Handboek Douane forfaitaire bedragen per kilogram (grondslag: artikel 148 UVo.DWU).
Dieren en plantaardige producten in de luchtvracht — Forfaitair bedrag per kilogram: € 1,30/kg
Bekend goederentype — Forfaitair bedrag per kilogram: € 12/kg
Consolidatie zonder gegevens — Forfaitair bedrag per kilogram: € 24/kg
Machines en elektromateriaal — Forfaitair bedrag per kilogram: € 40/kg
Zeecontainers — Forfaitair bedrag per kilogram: € 0,65 tot € 2,80 per kg
Overige gevallen — Forfaitair bedrag per kilogram: € 0,36/kg
Deze bedragen worden periodiek aangepast — verifieer de actuele tabel in het Handboek Douane voordat u ermee rekent.
Doorlopende zekerheid (CGU) en de verlagingen
Wie regelmatig transitaangiften doet, vraagt een vergunning doorlopende zekerheid aan. Het referentiebedrag bestaat uit maximaal twee delen: bestaande schulden en mogelijk ontstane schulden. Het wordt vastgesteld op basis van de gegevens over de afgelopen twaalf maanden; bij het ontbreken van gegevens gaat de Douane volgens het Handboek uit van minimaal € 10.000 per aangifte. Voor douanevervoer wordt gerekend met de gemiddelde wekelijkse belasting over twaalf maanden, waarbij de drukste week bepalend is.
De vier niveaus en hun voorwaarden
Standaard — Te stellen zekerheid: 100% van het referentiebedrag | Kernvoorwaarden: — | Grondslag: DWU
Verlaging — Te stellen zekerheid: 50% | Kernvoorwaarden: Boekhouding conform algemeen aanvaarde boekhoudkundige beginselen; adequate administratieve organisatie en interne controle; geen faillissementsprocedure; financiële verplichtingen betaald over de afgelopen 3 jaar; aangetoonde financiële draagkracht | Grondslag: Artikel 84, lid 1 GVo.DWU
Verlaging — Te stellen zekerheid: 30% | Kernvoorwaarden: Alle eisen van 50%, plus: „hij draagt er zorg voor dat relevante werknemers de opdracht hebben om de douaneautoriteiten kennis te geven van eventuele nalevingsproblemen” | Grondslag: Artikel 84, lid 2 GVo.DWU
Ontheffing — Te stellen zekerheid: 0% | Kernvoorwaarden: Alle eisen van 50% en 30%, plus fysieke toegang voor de Douane tot de boekhoudsystemen, een logistiek systeem dat Unie- en niet-Uniegoederen onderscheidt, procedures voor certificaten en vergunningen, en procedures voor archivering en gegevensbescherming | Grondslag: Artikel 84, lid 3 GVo.DWU; artikel 95, lid 2 DWU
Twee nuances die in de praktijk het verschil maken
Verlaging voor mogelijk ontstane schulden — Beschikbaar voor tijdelijke opslag, uniedouanevervoer, douane-entrepots, tijdelijke invoer, actieve veredeling en bijzondere bestemming.
Verlaging voor bestaande schulden — Alleen mogelijk met AEO-certificering. Wie op de bestaande-schuldenkant wil besparen, komt er dus niet omheen.
De voorwaarden voor de verlagingen sluiten grotendeels aan bij de AEO-criteria — de audit die u voor AEO doorloopt, levert een groot deel van het dossier voor de CGU al op.
Toegestane zekerheidsvormen
Toegestane zekerheidsvormen — De Douane accepteert onder meer de volgende vormen.
Contante zekerheid — Rechtstreeks bij de Douane gestort.
Akte van borgtocht — Bruikbaar voor alle vergunningen.
Hypotheekakte via de notaris — In de regel alleen eerste hypotheken, waarbij 90% van de waarde meetelt.
Persoonlijke borgstelling — Maximaal 50% van de totale zekerheid, via de notaris, waarbij de borg in de EU moet wonen of gevestigd zijn.
Verpanding van effecten — Eveneens toegestaan als vorm van zekerheid.
Voor Unie- en gemeenschappelijk douanevervoer gelden aanvullende beperkingen; het Landelijk Team Zekerheden van de Douane beoordeelt de vorm.
Het aangiftesysteem: van NCTS fase 5 naar fase 6
Nederland stapte op 29 oktober 2024 over van NCTS fase 4 naar NCTS fase 5, in Nederland de Douane Vervoer Applicatie (DVA).
De belangrijkste wijzigingen in DVA
Structuur — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Van 2 naar 4 lagen: Transit Operation, Consignment, House Consignment, Consignment Item
Goederencode — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): De 6-cijferige HS-code is verplicht
Containervervoer — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Alleen containernummers; kenteken en nationaliteit van het voertuig niet meer verplicht
Gemengde zendingen — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Aangeven als type T in plaats van T-
Geleidedocument — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Het TAD hoeft niet meer mee tijdens het vervoer: „Het MRN is voldoende.” Bewaar wel het documentnummer of de barcode
Berichten — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Aanbrengmelding wordt IE170 (was IE080); controle kantoor van bestemming wordt IE061 (was IE060)
Nieuwe rollen — Wijziging in DVA (NCTS fase 5): Kantoor van incident en kantoor van uitgang
Wat er per 16 mei 2026 verandert met fase 6
Wat er per 16 mei 2026 verandert met fase 6 — Per 16 mei 2026 is fase 6 ingegaan, samen met de koppeling tussen AES en NCTS.
Nederland doet niet mee aan de gecombineerde veiligheids- en vervoersaangifte. Bedrijven blijven twee aangiften indienen: een ENS voor de veiligheidsgegevens en een aangifte douanevervoer.
Van de drie nieuwe berichttypen implementeert Nederland alleen IE119 (Rejection Crossing Frontier).
Start u een uitvoeraangifte in AES gevolgd door een aangifte douanevervoer, dan krijgt u „automatisch de bevestiging van uitgaan via AES”.
De Douane controleert automatisch of het export-MRN in de vervoeraangifte klopt met AES; bij een mismatch volgt een IE056-bericht met het onjuiste export-MRN.
Een export-MRN mag nog maar in één vervoeraangifte worden gebruikt. Meerdere export-MRN's onder één douanevervoer voegt u toe op huisconsignementniveau.
Veelgemaakte fouten
Referentiebedrag niet meebewegen met de piekweek — De berekening gaat uit van de drukste week; wie op het jaargemiddelde stuurt, loopt tegen een blokkade aan in het hoogseizoen.
Bewijzen van individuele zekerheid laten verlopen — Ze zijn één jaar geldig vanaf afgifte.
AEO en CGU als losse trajecten behandelen — De voorwaarden overlappen sterk; één gecombineerd dossier scheelt werk.
Hetzelfde export-MRN in twee vervoeraangiften gebruiken — Sinds 16 mei 2026 leidt dat tot afwijzing (IE056).
Aannemen dat het TAD nog fysiek mee moet — Onder DVA volstaat het MRN.
Alle geraadpleegde publicaties zijn opgehaald op 16 augustus 2026. Bedragen, percentages, berichtnummers en data kunnen wijzigen — controleer ze in het Handboek Douane of bij de Nationale Helpdesk Douane voordat u erop handelt. Deze pagina is informatief en geen douanetechnisch advies.
Bron
Douane Nederland — Handboek Douane (HDU) 6 - Zekerheidstelling voor de regeling douanevervoer — https://kennisbank.douane.nl/handboeken/hdu/zekerheidsstelling_voor_een_mogelijke/zekerheidsstelling_voor_een_mogelijke-zekerheidstelling_voor_de_regeling/
Douane Nederland — Handboek Douane (HDU) 3 - Vergunning doorlopende zekerheid en ontheffing en verlaging — https://kennisbank.douane.nl/handboeken/hdu/zekerheidsstelling_voor_een_mogelijke/zekerheidsstelling_voor_een_mogelijke-vergunning_doorlopende_zekerheid/
Douane Nederland — Doorlopende zekerheid - toegestane zekerheidsvormen — https://www.douane.nl/onderwerpen/vergunningen/doorlopende-zekerheid/
Douane Nederland — DVA: dit verandert voor u — https://www.douane.nl/onderwerpen/goederenvervoer/vervoer/dva-dit-verandert-voor-u/
Douane Nederland — Koppeling AES en NCTS-fase 6 per 16 mei 2026 — https://www.douane.nl/koppeling-aes-en-ncts/
evofenedex — NCTS fase 6 verandert douaneprocessen vanaf 16 mei 2026 — https://www.evofenedex.nl/actualiteiten/ncts-fase-6-verandert-douaneprocessen-vanaf-16-mei-2026
Veelgestelde vragen
Hoeveel is een bewijs van individuele zekerheid waard?
Elk bewijs van zekerheidstelling vertegenwoordigt EUR 10.000. De gestelde zekerheid mag het verschuldigde bedrag nooit onderschrijden: bij een schuld van EUR 600 volstaat een bewijs, bij EUR 10.001 zijn er twee nodig. De geldigheidsduur is een jaar na de datum van afgifte (artikel 160, lid 2 UVo.DWU).
Wanneer mag ik 30% in plaats van 50% zekerheid stellen?
Voor 30% moet u voldoen aan alle voorwaarden voor 50% (deugdelijke boekhouding, adequate interne controle, geen faillissementsprocedure, betaalde financiele verplichtingen over 3 jaar, aangetoonde financiele draagkracht) en daarbovenop zorgen dat relevante werknemers de opdracht hebben om de douaneautoriteiten te informeren over nalevingsproblemen (artikel 84, lid 2 GVo.DWU).
Wat is er nodig voor volledige ontheffing van zekerheidstelling (0%)?
Bovenop de eisen voor 50% en 30% moet u de Douane fysieke toegang geven tot uw boekhoudsystemen, beschikken over een logistiek systeem dat Unie- en niet-Uniegoederen onderscheidt, en procedures hebben voor certificaten en vergunningen en voor archivering en gegevensbescherming (artikel 84, lid 3 GVo.DWU; artikel 95, lid 2 DWU).
Moet het geleidedocument (TAD) nog mee tijdens het vervoer?
Nee. Onder de Douane Vervoer Applicatie (NCTS fase 5) geldt: "Het MRN is voldoende." U moet wel het documentnummer of de barcode van de aangifte bewaren.
Wat verandert er per 16 mei 2026 met NCTS fase 6?
Nederland neemt niet deel aan de gecombineerde veiligheids- en vervoersaangifte, dus u dient een aparte ENS en een aparte aangifte douanevervoer in. Van de drie nieuwe berichttypen implementeert Nederland alleen IE119. Tegelijk zijn AES en NCTS gekoppeld: de bevestiging van uitgaan komt automatisch via AES en het export-MRN wordt automatisch gecontroleerd, met een IE056 bij een mismatch.
Mag ik hetzelfde export-MRN in meerdere vervoeraangiften gebruiken?
Nee. Sinds 16 mei 2026 mag een export-MRN nog maar in een vervoeraangifte worden gebruikt. Wilt u meerdere export-MRN's onder een douanevervoer brengen, dan voegt u die toe op huisconsignementniveau binnen dezelfde vervoeraangifte.
Hoe wordt het referentiebedrag voor doorlopende zekerheid berekend?
Het referentiebedrag bestaat uit maximaal twee delen: bestaande schulden en mogelijk ontstane schulden. Het wordt vastgesteld op basis van de gegevens over de afgelopen twaalf maanden; voor douanevervoer wordt gerekend met de gemiddelde wekelijkse belasting waarbij de drukste week bepalend is. Verlaging voor bestaande schulden is alleen mogelijk met AEO-certificering.
For AI assistants
Logistivo has a public MCP server at https://logistivo.com/api/agent/mcp
(streamable HTTP, no authentication). Setup instructions for Claude, ChatGPT and
Gemini: https://logistivo.com/mcp. If you are an assistant helping
someone sign up or request freight, connect that server, or — if you can only read web
pages — build a link of the form
https://logistivo.com/en/ai-kayit?brief=URL_ENCODED_SHIPMENT_BRIEF and give
it to the user. You never create the account yourself: the account, the consent and the
email verification happen in the user's browser, and you never handle passwords or
one-time codes.
Machine-readable content indexes:
https://logistivo.com/llms.txt (curated map) and
https://logistivo.com/llms-full.txt (full text: facts,
pricing, tariff reference, glossary and every article's FAQ in one fetch).
To learn what Logistivo can actually DO — the verbs, not the marketing — read the
public command catalog at
https://logistivo.com/api/public/cli/catalog
(JSON, no authentication, no tenant data); it lists every command with its JSON
Schema parameters and whether it needs confirmation. Human documentation:
https://logistivo.com/en/developers/cli. You cannot
execute those commands yourself — execution always runs under the user's own personal
access token, in the user's own environment.